Wennen aan haar nieuwe thuis

Het is kouder. De dag ervoor sneeuwde het zelfs. Ik breng haar weg naar haar nieuwe woning. Ze gaat nu een hele middag wennen. De begeleidster ziet ons al aan komen en opent de deur.

Ze loopt naar haar kamer en ziet bij afwezigheid van een bed (zie bed, laterbed en bedacht) een matras liggen. Als eerste gaat ze hierop zitten. Het dekbed snapt ze niet. Dat moet hier weg. Het gebaar van haar naam gecombineerd met het huisgebaar vertellen haar dat dit haar nieuwe huis is.

De muziekdoosknuffels, ofwel tingeltangels, zet ze aan. De mand met sleutels schuift ze naar de hoek achter de kast De draaistoel laat ze draaien. Ze schuift over de vloer naar de andere kant.

Buiten ligt grind. Daar wil ze mee spelen. Ze gebaart dat ze hulp nodig heeft. Niemand helpt, want ze mag helemaal niet met het grind spelen. Ze loopt naar de begeleidster, gebaart helpen, en pakt haar hand. Zij kan de deur openmaken, dus zij moet kunnen helpen. Goed gezien, maar nog steeds mag ze niet met grind spelen.

Ze loopt naar de huiskamer. De TV en bank zijn verplaatst. Even zitten. Via de andere deur weer naar de gang. Het rondje nog een keer. Een andere begeleider loopt via de achterdeur naar buiten. Zij wil ook naar buiten. Het is nog te koud om buiten te spelen.

Een rood kastje op de gang trekt haar aandacht. In het midden hiervan staat een rondje. Zachtjes tikt ze daar tegenaan. Ze heeft geen idee wat het is. Ze loopt naar het nieuwgeplaatste traphek. Aan de andere kant van de gang is hetzelfde kastje voorzien van een extra afdekplaat. Het rondje dat ze zojuist aantikte is het brandalarm. Iets harder drukken en alle toeters en bellen gaan af.

Later op de middag speelt ze buiten. Voor het avondeten mag ze douchen. Ze geniet van dat moment. Bij het diner wil ze niet eten. Geen zin, ze mist thuis. Moeder en zus halen haar op na deze wenmiddag. Thuis wil ze wel eten.

Leave a Reply

%d bloggers like this: