Piano in het bos

Ze wacht ons op. De begeleiders herkennen onze auto. We raceten door de spits om klokslag zes uur haar te kunnen ophalen. De verkeersdrukte op de route over lommerrijke provinciale wegen bestond uit een lege bus, twee auto’s en een handvol tegenliggers. Achter ons reed een lesauto, L op het dak. Instructeur en leerling gemondkapt. Alleen bij de verkeerslichten was het ouderwets wachten op het groene licht op een verder leeg kruispunt.

Mijn vest laat ik in de auto liggen. De wind smoort in de hoge bomen, de zon kijkt weer langs de wolken. De wandelwagen staat klaar. De gordel is gemaakt. In haar bellaciaopak klimt ze binnen al in de wagen. De blijdschap is, net als vorige week, intens. Ook nu lopen we naar het bos. Ze steekt haar hand uit naar de planten. Zij kijkt omhoog, daarna opzij. In haar blik vangt ze de langsvliegende merel. Ze heeft gegeten en gedoucht. Bijna de hele dag was ze buiten, handen in het zand, dromerig op de schommel, gras plukken en ballen door de tuin gooien.

Gordel

De zon wint het nu van de wolken. Ze gebaart helpen en los. Zelf krijgt ze de gordel niet los, ze probeert wel de rode knop in beweging te brengen. De kracht heeft ze, nu nog de subtiliteit om die op de juiste manier te gebruiken. Alhoewel niet alles wat ze leert ook gelijk handig is. De wagen komt met de voorwielen tot stilstand tegen een uitstekende wortel. De gordel voorkomt haar lancering. In haar eerste rolstoel had ze snel door dat ze door voorover te buigen de zwarte hendel kon bedienen. Bij beide wielen zat zo’n zwart handvat. Van snelheid naar stilstand of een bocht in een tel. In eerste instantie gevolgd door een lach, later voorafgegaan door die lach. Ze wist wat het effect van haar actie ging zijn. De rem was haar plezier. In de rolstoel daarna zat de rem op de as, slecht idee. Bij weer een volgende rolstoel was de rem bij de duwstang geplaatst, goed idee.

We lopen door het bos langs bankjes die met dit weer normaalgesproken bezet zijn. Nu komen we slechts een paar wandelaars, honduitlaters en hardlopers tegen. Ze lacht om de dennenappelregen en probeert alle bladeren aan te raken. We slaan af. Een omgevallen boom verspert de weg. Zij bukt iets om onder de boom door te gaan. De handvatten zijn nog te hoog. Dan maar de wagen achterover kantelen en schuin onder de boom door. Een paar takjes komen in haar opdrogende haar. We lopen langs de zandverstuiving die als een opkomende vloed het pad probeert te verzanden.

Bospiano

In dit deel van het bos liggen zoveel dennenappels dat ze niet alleen los en helpen gebaart, ze pakt ook mijn hand en duwt die naar de gordel. Ze wint. Dan vragen we wel of ze straks nog een keer mag douchen. Ik knuffel haar uit de wagen. Zij zet een paar stappen en gaat tussen de dennenappels zitten. Een voor een gooit ze die weg. Hoog, opzij, achterover. Ondertussen videobel ik met mijn andere kinderen. Lang leve de techniek en het bereik. Haar broer en zus krijgen alle aandacht. Ze geeft handkus na handkus, tikt op het scherm en zegt trrrr en tsssje. Ze missen elkaar.

Ze klimt zelf in de wandelwagen, pakt mijn hand en vraagt of ik piano wil spelen. Visje, in de maneschijn en schoenenpoetser gebaart ze. Ik pak mijn telefoon, open de pianoapp en speel haar verzoeknummers. Nog een keer vraagt ze telkens aan het einde van het liedje. Precies een uur later zijn we weer terug bij haar woning. Op anderhalve meter spreken we met een begeleider, zij ziet kans om langs het traphekje de trap op te klimmen. Ze lacht als haar wordt verteld dat ze niet op de trap mag. Op haar billen gaat ze weer tree voor tree naar beneden. Boeverig draait ze om en klimt stilletjes weer omhoog. Het is niet voor niets dat ze permanent toezicht nodig heeft. De trap kan zo een bobbelige glijbaan zijn. Ze geeft een handkus, gebaart douchen naar de begeleider en gaat vast naar de douche. In haar loop naar de badkamer zwaait ze nog zonder om te kijken.

Leave a Reply

%d bloggers like this: